FRANK IN PERU OF DE ZEVEN GEBODEN... (GASTBLOGBERICHT)

02-07-2017 00:00

Hieronder vind je een gastbijdrage van medereiziger Bram terug. We danken hem voor dit prachtige intermezzo!

Hoofdstuk 1: De missie van Frank

 “Si, mi hermana es una mujer.” (“Ja, mijn zus is een vrouw.”)… Enigszins verdwaasd staart Frank, zoals hij hier gekend staat, de kleine donkerharige vrouw aan. Hij trekt de riemen van zijn trekrugzak wat steviger aan en strijkt over zijn ongeschoren kin. Deze morgen is hij om 8u vertrokken en na een busrit van zes uur door het Peruviaanse berglandschap is hij aangekomen op het adres dat hem twee dagen geleden bezorgd werd. Hoewel het winter is en hij zich op 3400 meter hoogte bevindt, brandt de zon op zijn blanke huid, drie zorgvuldig ingesmeerde tatoeages blinken op zijn gespierde armen. Zowel zijn T-shirt als mond beginnen gefermenteerde geuren te verspreiden en hij heeft nu vooral nood aan een douche en een bed. Met een vermoeide zucht besluit hij de zaak te laten voor wat ze is en te informeren of er nog een bed vrij is in een van de hostelkamers. Hij is op missie in Cuzco, de keizerlijke Incahoofdstad in de Andes. Al twee weken is hij op zoek en hij hoopt vurig dat ze hem niet door de vingers glippen door deze Babylonische spraakverwarring. Niet dat ze het hem overigens erg moeilijk maakten, hij hoefde enkel een spoor van postkaartjes te volgen. Een routineklus voor de undercover agent die hij in zijn hoofd al lang geworden is.

De ruimte met 3 stapelbedden geeft een desolate indruk. Een Duitse vrouw geeft ongevraagd reistips aan een Russische matrone die onophoudelijk gesmoorde hoestbuien uitbraakt, een Amerikaanse student vertrekt net naar de Spaanse les (“Hi, how are you?”) en een mot onderneemt monotone zelfmoordpogingen door onafgebroken tegen het raam te beuken. Frank neemt het allemaal in zich op, maar het is niet waarnaar hij op zoek is. Zijn oog valt op een klein pakket op een van de achterste onderste bedden en zijn hartslag gaat de hoogte in. Bingo! Een fel paarse zak met daarop in schreeuwerig gele letters het woord ‘VLASKAAS’ verraadt een Vlaamstalige aanwezigheid. Hij heeft de schuilplaats van zijn landgenoten gevonden. De zak toont veel gebruikssporen en Frank beseft opnieuw dat zijn doelwit nomadisch is. Wil hij ze vinden, dan moet het vandaag op deze plek gebeuren, voor ze terug verder trekken. Na enig onderhandelen maakt hij via het betalen van 25 soles (<€8) de uitsluitend Spaans sprekende hospita duidelijk dat hij in deze kamer wil overnachten, en springt de douche in. ‘Het water is warm genoeg om te douchen maar koud genoeg om het niet lang vol te houden.’ “Die zin moet ik onthouden voor mijn rapportering”, mijmert Frank, in zijn fantasie de Bronzen Uil winnend. Hij sluit zijn ogen, voelt zijn nekspieren langzaam ontspannen en wil… “AAAAAH LELIJKOARD”, galmt er plots door het sanitair complex. Frank schrikt. “OEWIST??”, gaat de mannelijke stem luid verder. Sputterend stommelt Frank de douchecabine uit, maar wanneer hij zich in zijn kleren geworsteld heeft, is het binnenplein leeg. De duisternis is gevallen en het enige hoorbare geluid zijn de eeuwig toeterende taxi’s in de binnenstad van Cuzco. Hij krabt vertwijfeld in zijn natte haar. Heeft hij gedroomd, of waren het werkelijk West-Vlaamse keelklanken die hij hoorde? Nu mag hij niet meer twijfelen. Resoluut neemt hij zijn spullen in zijn linkerhand, zet zijn modieuze bril recht en sluipt zachtjes de trap op, waar de deur naar de slaapzaal op een kier staat. Gedempte stemmen zijn in een drukke conversatie gewikkeld. Frank geeft de deur een kleine duw met zijn voet, het gesprek valt stil en hij besluit het er op te wagen. Hij ademt diep in en stapt over de drempel...

Voor zijn neus staan An en Dajo, respectievelijk Franks zus en schoonbroer en enige kilo’s magerder dan negen maanden voorheen, maar toch blakend van gezondheid. Zijn missie is geslaagd, het familiebezoek in Peru kan beginnen. 

 

Hoofdstuk 2: De 7 geboden

Op de eerste dag dat ik An en Dajo terugzag, bood ik na enige pilsjes spontaan aan een gastbijdrage te schrijven voor hun reisblog*. Nu, een week na mijn thuiskomst is ze afgerond. Voor een kwaliteitsvol reisverslag verwijs ik graag naar de door hen geschreven berichten. Ik beperk me graag tot zeven alternatieve geboden die ik leerde door met hen mee te reizen in Peru. Moge het anderen inspireren om hetzelfde te doen, het is een aanrader. Dankjewel, An en Dajo voor de onvergetelijke ervaring, laat maar weten wanneer het volgende familiefeest is.

1.       Frank is geen pseudoniem. Het is werkelijk de naam die mij toebedeeld werd in de hostel waar we verbleven. Ik was daarin geen alleenstaand geval. An gaat al de halve reis door het leven met de wat oosterse benaming ‘An-Liën’ en de meest voorkomende variant voor Dajo is ‘Dacho Oylebruek’.  Gij zult uw naam dus niet in ere houden!

2.       Het grootste deel van de reis verbleven we op meer dan 3000m hoogte. Dat gegeven gecombineerd met het nuttigen van Pisco Sours, wijn en artisanale Peruviaanse bieren leerde me het door een gouden bergbeklimmersregel geïnspireerde gebod: Gij zult uw dranken traag en gestaag tot u nemen! *Het zal je tevens verhinderen spontane beloftes te maken.

3.       De kleur van paprika en wortelen blijft ongewijzigd, ook na 12u in de maag vertoefd te hebben. Een prachtige tijdelijke installatie van de auteur aan de voet van de Rainbow Mountains kreeg de passende titel ‘Alle kleuren van de regenboog’. Het werk werd in chronologische volgorde geapprecieerd door de volgende bus met toeristen, de lokale kinderen die in hun onschuld hun eerste passen in de verdorvenheid van mijn maaginhoud (en de wereld) zetten én twee honden die recycleren hoog in het vaandel droegen en alles mooi oplikten. Gij zult de plaatsen die ge bezoekt net zo achterlaten als ge ze gevonden hebt!

4.       Af en toe dient (vooral) Dajo overtuigd te worden om een toeristische trekpleister op te nemen in het programma. Tot tweemaal toe, Macchu Picchu en de Rainbow Mountains, bleek het ondanks de nadelen telkens een bijzondere ervaring die begrijpelijkerwijs ook door anderen beleefd wil worden. Gij zult zo nooit de slechtste dag ooit hebben! Tenzij er zich veel luide Amerikanen in je onmiddellijke omgeving bevinden, in dat geval heb je een ginormous recht om eventjes de wereld te haten.

5.       An en Dajo reizen voor twee jaar aan een gelimiteerd dagbudget van €25 p.p. waarmee ze alles bekostigen, inclusief accommodatie en transport/vluchten. Met de schijnluxe van slechts enkele weken vakantie en dus navenant meer geld te besteden, hou je hier best rekening mee. Persoonlijk vond ik het een fijne ervaring om het reistempo wat te laten dalen, op zoek te gaan naar de goedkopere en dus meer authentieke lokale eetplaatsjes en om ook de niet-toeristische vervoersmiddelen te gebruiken. Kortom: gij zult in het algemeen wat meer rust inbouwen én er geld door besparen! (P.S.: Je hebt het niet van mij, en ze doen er wat moeilijk over, maar je kan altijd proberen hen eens te trakteren. Reken twee dagen overtuigingstijd.)

6.       Gij zult u niet moeien met relationele strubbelingen tijdens gezelschapsspelletjes. Mijn ongelofelijk intelligente spel tijdens zowel "Carcasonne", "Boon To Be Wild" als "Chinees Poepen" zorgde ervoor dat de laatste plaats steevast onder An of Dajo verdeeld moest worden. Je moet weten dat ze normaal altijd eerste of tweede eindigen. Voeg daarbij enige reisvermoeidheid en je komt al snel uit bij verhitte gemoederen, die evenwel snel terug kalmeren. Occasioneel liet ik mij eens verliezen om zo toch de vreugde er in te houden. Graag gedaan, An en Dajo!

7.       Op  je laatste dag is het een slim idee om je door An en Dajo op een collectivo (lokale minibus) te laten zetten, die aan de luchthaven passeert. Het is ook ideaal om je laatste kleingeld aan deze busrit te besteden, daar kan je achteraf immers niets meer mee aanvangen. Wat minder intelligent bleek, is vergeten af te stappen aan die beoogde luchthaven en zo twintig minuten terug te moeten rijden met een taxi. Geen nood, een taxi in Peru kost naar Westerse normen weinig geld, deze rit de volle €2.5. Maar betalen met een briefje van 100 sol in een taxi bleek een ander paar mouwen. Het gevolg: aan een tankstation je briefje van 100 sol wisselen tegen 100 muntstukken van 1 sol om je taxirit van 10 sol te kunnen betalen. Daar stond ik dan met een door het gewicht van 90 muntstukken afzakkende broek aan de metaaldetector. Ik kan u verzekeren beste lezer, dat de duty-free winkel deze keer wél goede zaken aan mij gedaan heeft. Mijn laatste gebod is dus: Gij zult eens goed lachen met uw eigen stommiteiten.

Liefs en met enorm veel dank.

Bram – Frank 

Vorige   Blogoverzicht   Volgende