REUSACHTIGE ZEESCHILDPADDEN SPOTTEN OP GROTERE DIEPTE

04-11-2017 00:00

Sneeuwwitte stranden, wuivende palmbomen, aftandse strandhutten en idyllische bootjes drijvend in het helderblauwe water. Het lijkt wel een slagzin uit een goedkope reisbrochure. Wie de Gili-eilanden in Indonesië echter aandoet, zal direct merken dat dergelijke paradijzen echt nog bestaan. De eilandengroep ten noordwesten van Lombok bestaat uit drie kleine eilanden: Gili-Trawangan, Gili-Meno en Gili-Air. Vroeger werden de eilanden voornamelijk door backpackers bezocht, maar tegenwoordig zijn de eilanden geen off the beaten track bestemming meer en is het helaas erg toeristisch geworden.


De Gili-Eilanden


Gili-Trawangan

We varen de kleine geïmproviseerde haven van Gili Trawangan binnen. De weinige pieren zijn exclusief gereserveerd voor de grotere boten, dus we hebben geluk. De kleine overzetbootjes dienen te improviseren, maar erg lang denken ze daar niet over na. Ze varen gewoon het strand op en je betreedt het eiland steevast met natte voeten. Gili-Trawangan is het grootste eiland van de drie met een omtrek van niet meer dan tien kilometer. Wat ons onmiddellijk opvalt is de heerlijke rust die er heerst. Een brede glimlach siert mijn gezicht, want er is in de verste verte geen auto of brommer te bekennen en ook alle andere gemotoriseerde voertuigen zijn er pertinent verboden. Fietsers regeren hier het land en een taxi bestaat zowaar uit paard en kar! De karren zijn echter claustrofobisch klein, zodat er met moeite drie man (koetsier inclusief) in past. Het lomp in de weg lopende volk wordt zonder uitzondering weg geclaxonneerd met een gammele toeter waar George Gershwin met zijn ‘American in Paris’ zijn hand niet zou voor omdraaien. Charmant is het zeer zeker wel.


Deze keer met droge voeten aan wal gekomen.


Gezellige hostel gevonden voor een belachelijk lage prijs: € 3,5 per persoon (ontbijt inclusief!)


Op snorkeltoer met een kleinere boot. Dat betekent dus: natte voeten...


Ouderwetse paard en kar op de Gili-eilanden. Heerlijk toch?


Uitkijkpuntje op het hoogste punt van Gili-Trawangan. Op de achtergrond zie je Gili-Meno en Gili-Air.


Ook hier zijn de moslims in de meerderheid. Vijf keer per dag schalt door de luidsprekers de oproep tot gebed.

Dat we op de Gili-eilanden stranden, is niet zo toevallig. De eilandengroep staat geboekt als een prachtige uitgangslocatie voor de fanatieke snorkelaars onder ons. Maar we willen natuurlijk meer. Ons groepje bestaat uit vijf gebrevetteerde PADI ‘Advanced Open Water’ duikers, dus zijn we hier vooral om eens wat dieper af te dalen in de grote vissenkom in de hoop enkele zeldzame dierensoorten te spotten. Ik zeg wel degelijk vijf en niet zes man; Chantelle kijkt nog even de kat uit de boom vooraleer de sprong te wagen. Ik twijfel er echter niet aan dat ook zij op een dag haar PADI ‘Open Water’ brevet behaalt.


Mooie sunset


Op heldere dagen zie je van op Gili-Trawangan de vulkaan op Bali die op uitbarsten staat.


Druk bezochte avondmarkt


De populaire schommels op Gili-Trawangan. Nancy is in haar nopjes.

Terwijl de ganse groep de snorkeltoer opgaat, pas ik voor de overvolle boottrip en trek ik er in mijn eentje op uit. Ik maak een volledige wandeling rond het eiland en informeer ondertussen in enkele duikcentra naar de beste prijzen. Het is een bloedhete dag en de onstabiele warme lucht klimt veel te vlug naar grotere hoogte waardoor onvermijdelijk verzadiging optreedt. De waterdamp troept gretig samen en ik zie de cumulonimbuswolken razendsnel vorm krijgen. Het lijkt me een wijs idee om me terug te trekken in de hostel. Gewapend met een spannend boek en een verfrissend drankje, breekt een knallend onweer los en de bijhorende gietende regen vormt de wandelpaden genadeloos om in heuse modderpoelen. Als verzopen waterkiekens druppelen de onfortuinlijke snorkelaars één voor één binnen, hun toevlucht zoekende tot een frisse douche en verse kleren. Ik kijk met een geamuseerde blik toe en prijs me gelukkig dat ik zo af en toe mijn eigen weg kies. Achteraf bleek dat ik niet eens zoveel gemist heb…


Typisch beeldje van Gili-Trawangan


Donkere wolken pakken samen...






De bevolking is hier supervriendelijk.

We kiezen voor drie fundives waarbij we telkens een andere duiksite bezoeken. Als ‘Advanced Open Water’ duikers mogen we afdalen tot dertig meter diepte en daar maken we nu gretig gebruik van. Dat Indonesië één van de mooiste landen is om te duiken, merken we meteen. Het koraal is ongelofelijk mooi en blaakt van gezondheid. We zien honderd verschillende soorten vissen in scholen om ons heen krioelen terwijl de zeeschildpadden ons eerder passief op de bodem liggen aan te staren. Als een aal glijden we geruisloos door het heldere water. We kijken onze ogen uit zonder dat het onderwaterleven zich één moment aan ons stoort. Ik draai om mijn as, controleer mijn neutraal drijfvermogen en leg mij op mijn rug op ruim vijventwintig meter diepte. Het is genieten van het zicht. De opstijgende luchtbubbels verdwijnen in het licht van de zon op hun weg naar het wateroppervlak. Ik adem rustig in en uit, sluit mijn ogen en bijna val ik in slaap. Duiken is als mediteren, het tot rust komen in een voor de mens onnatuurlijke omgeving.


Een mooie school vissen


Zeeschildpadden spotten op grotere diepte


Prachtige beesten!

Veel te snel loopt ons avontuur op de Gili-eilanden ten einde. Bart en Nancy hebben slechts drie weken reistijd en willen, geheel terecht, graag nog enkele andere bezienswaardigheden bezoeken. We regelen een vierdaagse boottrip van Lombok naar Flores via de Komodo-eilanden. Hoe we het er van af brengen op deze bewogen boottocht, lees je in een volgend blogbericht!

Vorige    Blogoverzicht    Volgende